2. Wat gaat er mis in ons huidige voedselsysteem?

Recent kondigde ik een serie blogs aan waarin ik onderzoek hoe vernieuwende voedselconcepten de grote problemen van ons huidige voedselsysteem proberen op te lossen. Startpunt van die reeks is een antwoord op de vraag: wat gaat er eigenlijk mis in ons huidige voedselsysteem?

Het antwoord op die vraag lijkt me boek- of promotieonderzoek-waardig. Aangezien ik nu niet van plan ben om te promoveren of een boek te schrijven, doe ik een poging tot een antwoord, maar vraag ik bij voorbaat om me te vergeven voor mijn onvolledigheid en me vooral aan te vullen waar kan. Laten we samen een overzicht maken waar we allemaal wat aan hebben.

Mijn ambitie is om deze systeemanalyse voortdurend te updaten en uit te breiden naarmate ik meer voedselpioniers spreek. Ik wil graag hun (en jouw) kennis integreren.

Kort samengevat, voor de lezers die willen koppen snellen, kwam ik er in deze analyse achter dat ons huidige industriële, internationale voedselsysteem onhoudbaar is omdat we met dit systeem:

  1. ..de bodem volledig uitputten, waardoor constante chemische en energetische toevoer nodig is en de bodem veel minder water en voedingsstoffen kan vasthouden, waardoor weer allerlei andere dingen misgaan.
  2. ..ons klimaat veranderen en het milieu aantasten waardoor ‘het systeem aarde’ steeds meer van haar functionaliteiten verliest (en die hebben we hard nodig!)
  3. ..de biodiversiteit in sneltreinvaart doen afnemen, waardoor de integriteit van het systeem aarde stelselmatig afneemt en we grote risico’s lopen op ziektes, plagen, overstromingen en voedseltekorten, en het klimaat nog sneller verandert
  4. ..het leeuwendeel van de spelers binnen dit systeem doodongelukkig maken door de ratrace waar ze onderdeel vanuit maken;
  5. ..de voedselketen volledig hebben geanonimiseerd, waardoor we geen waarde toekennen aan een groot deel van wat we eten, we heel veel producten niet eten die juist goed voor ons zijn, heel veel voedsel nooit de winkel bereikt omdat het krom is of de verkeerde kleur heeft en we geld betalen voor aspecten van voedsel die we helemaal niet nodig hebben (mooie marketing slogans en fancy verpakkingen);
  6. ..ongezond worden door ons voedsel, ons er futloos of juist hyper door voelen of we door allerlei ‘sneaky’ ingrediënten niet meer door hebben wanneer we genoeg gegeten hebben;
  7. ..de ongelijkheid tussen boeren hier en daar structureel laten toenemen, wat er o.a. toe leidt dat heel veel (voormalig) boeren daar, niet in hun universele behoeftes kunnen voldoen en strategieën nodig hebben om te overleven waar de wereld niet bepaald duurzamer van wordt

Fijn hè. Ik wrijf het er wel in. Dit is nogal wat! Voordat je de moed verliest en niet meer verder leest: weet dat er na deze blog verhalen volgen over vernieuwende concepten die iets aan deze problemen proberen te doen, waarbij ze hopelijk begrijpen dat al die problemen ook nog met elkaar samenhangen.

Er is hoop. Echt. Zeker als jij jouw invloed straks gaat benutten.

En als je eerst deze blog leest, zal je hopelijk veel beter begrijpen waarom verschillende duurzame voedsel start-ups doen wat ze doen en waar hun invloed ophoudt.

Wat gaat er mis? En nu iets uitgebreider:

  1. De fysieke uitputting van de bodem

Kort gezegd komt het hierop neer: ons huidige dominante, industriële voedselsysteem ‘ver#$%’ onze bodem: dat hele dunne buitenste laagje vruchtbaarheid van onze aardkorst. Systeem ‘inputs’ als kunstmest, bestrijdingsmiddelen, energie, water en grootschalige machinale bodembewerking, zijn tegenwoordig nodig om het bodemsysteem draaiende te houden in interactie met de gewassen die worden geteeld. De bodem zelf levert nauwelijks meer functionaliteit. Alle inputs moeten door de mens ingebracht worden. En meer kunstmatige inputs worden ingebracht, hoe slechter de kwaliteit van de bodem wordt, hoe meer kunstmatige inputs nodig zijn. Een vicieuze spiraal.

Handig? Niet echt.

De bodem is in interactie met schimmels, planten en allerlei beestjes, perfect in staat om een goede ‘voedingsbodem’ te blijven en een bufferfunctie te vervullen.

Mits – en dit is wel belangrijk – wij mensen deze natuurlijke processen niet in de weg staan (wat helemaal niet zo moeilijk is als veel mensen denken, maar bijvoorbeeld wel vereist dat je geen kunstmest gebruikt – lees hier waarom)!

Omdat verarming van de bodem een prangend wereldwijd probleem is, is 2015 door de Voedsel en Landbouw Organisatie van de Verenigde Naties (de FAO) uitgeroepen tot het jaar van de bodem. Dit filmpje legt goed uit wat er aan de hand is met onze bodem en waarom de bodem zo bedreigt wordt.

En dit filmpje legt uit waarom de verstoring van de natuurlijke fosforcyclus zo’n probleem is.

Mijn eigen kennis van de staat van de bodem werd vergroot door mijn kennismaking met de permacultuur: een ontwerpfilosofie voor permanente landbouw en veeteelt die ervan uitgaat dat systemen die ons voedsel op duurzame wijze produceren, energetisch voor zichzelf kunnen zorgen en ook nog surplus opleveren in de vorm van menselijk voedsel en materialen.

Dat is nogal een verschil met landbouw en veeteelt die volledig afhankelijk is van fossiele en chemische inputs.

Binnen de permacultuur en biologisch dynamische landbouw is de bodem een zeer belangrijk onderwerp omdat de gezondheid van de bodem aan de basis ligt van al het andere leven in het ecosysteem en het voedsel wat daaruit geoogst wordt.

Een gezonde bodem barst van het leven – niet alleen regenwormen en insecten, maar ook een verbijsterende hoeveelheid bacteriën, schimmels en andere micro-organismen. De bodem onder onze voeten is een complexe wereld vol met organismen die door hun interacties een voedende omgeving creëren voor planten.

Samenvattend: industriële landbouw werkt met een steriele bodem, waardoor constante chemische toevoer nodig is. De bodem is zo weinig levend dat deze constant onderhevig is aan erosie en bodemverdichting, waardoor de bodem minder water kan vasthouden.

De relatie tussen industriële landbouw en de bodemkwaliteit

Persoonlijke schets van de relatie tussen industriële landbouw en de bodemkwaliteit. Hoe lager de bodemkwaliteit, hoe minder voedingsstoffen er in de bodem zitten voor planten, hoe meer noodzaak er is voor chemische toevoer, hoe groter de bodemerosie en verdichting, hoe lager de kwaliteit van de bodem. Een vicieuze cirkel die we beter kunnen omdraaien. Hogere kwaliteit van de bodem, betekent meer voedingsstoffen voor planten, minder noodzaak chemische (en energetische) toevoer, minder bodem erosie & verdichting.

Schokkend: bijna 50% van de wereldwijde bodemkwaliteit gaat stelselmatig achteruit door industriële landbouw.

Lees- en kijktips over de bodem

  • Dirt – een interessante documentaire over de ecologische functies van de bodem
  • Het Bodem Voedsel Web – een Amerikaans boek, vertaald naar het Nederlands door Marc Siepman van de informatieve blog ‘gevoel voor humus’, waardoor je ontdekt dat voor een goede bodem alle kleine beestjes helpen.
  • Lees ook het boek: Tuinen in overvloed, door Fransjan de Waal. Dit boek vormt een prachtige introductie in de permacultuur en zal je veel meer leren over het belang van een gezonde, levende bodem en hoe je daar zelf aan kan bijdragen.
  • De documentaire Bodem Boeren. Er is hoop! Sommige boeren willen het anders doen.
  • De Bodemacademie – website met objectieve informatie over duurzaam bodembeheer
  1. De milieu- en klimaatimpact van intensieve landbouw en veeteelt

Systeemprobleem twee: industriële landbouw en veeteelt maakt gebruik van enorme hoeveelheden hernieuwbare en niet-hernieuwbare input (kunstmest, fossiele energie, bestrijdingsmiddelen, water) en creëert enorme hoeveelheden en concentraties slecht te verwerken output (mest, methaan, CO2, fosfor, vervuild water).

Hierdoor onderwerpen we ons ecosysteem aan een systematische toename van stoffen uit de aardkorst (fosfor, kolen, aardolie en gas) en van stoffen die ontstaan door landbouwprocessen (methaan, CO2, fosfaten).

Het tempo waarmee de concentratie van dit soort stoffen toeneemt kan ons ecosysteem niet aan en daardoor ontstaan er allerlei balancerende mechanismen:

  • Denk aan klimaatverandering. De warmte op aarde die door toename van broeikasgassen niet weg kan, moet toch ergens heen en dus warmen de oceanen op en stijgt de gemiddelde temperatuur op aarde, met alle gevolgen van dien.
  • Of aan het zo noodzakelijke fosfor, dat door een kwalitatief slechte bodem niet wordt vastgehouden en terecht komt in het oppervlakte water, waardoor eutrofiëring optreedt in sloten en meren en ‘dode’ zones in oceanen ontstaan. Snelcursus eutrofiëring: door de overvloedige aanwezigheid van fosfaten in het water groeien planten en algen zo explosief dat het zonlicht niet langer doordringt, waardoor waterplanten en algen sterven en de bacteriën die deze planten verwerken alle in het water beschikbare zuurstof consumeren, waardoor andere organismen sterven vanwege gebrek aan zuurstof.

Om het in perspectief te plaatsen: industriële landbouw is verantwoordelijk voor een derde van de wereldwijde CO2 output (bron: Food Myth Busters – er zijn bronnen die stellen dat het nog meer is). Dit terwijl een anders ontworpen landbouw en veeteelt-systeem juist CO2 kan afvangen en vasthouden in het systeem.

Maar dit is nog niet het enige. Doordat we niet langer gebruik (kunnen) maken van natuurlijke processen om de toenemende concentraties aan stoffen te verwerken, vindt een verdere industrialisering plaats van het landbouw- en veeteeltproces. Zo kampen we in Nederland met een mest- en fosfaatoverschot dat industrieel verwerkt wordt, wat weer meer kunstmatige inputs nodig heeft en verder bijdraagt aan milieuproblematiek en klimaatverandering.

Op andere plekken ter wereld (o.a. in Afrika) is juist sprake van tekorten aan fosfaat of fossiele brandstoffen. Fosfaat wordt net als fossiele brandstoffen van hot naar her verscheept in de vorm van kunstmest, waar het een belangrijk onderdeel vanuit maakt, maar ook in de vorm van plantaardig en dierlijk voedsel dat bijvoorbeeld wordt geproduceerd in Afrika, maar hier geconsumeerd. De fosfaten die in het plantafval zitten en die wij ‘uitpoepen en plassen’, worden niet terug verscheept naar Afrika, waardoor hier een overschot ontstaat en daar een tekort.

Hoewel fosfaten een ‘hernieuwbare bron’ zijn, te vinden in dierlijke en menselijke uitwerpselen en in plantafval dat we weer op het land zouden kunnen brengen, hebben we in plaats daarvan een industrieel landbouwsysteem ontworpen, waarbij we fosfaatmijnbouw benutten om fosfaten te winnen en aan kunstmest toe te voegen. Kunstmest lijkt – voor wie een korte termijn perspectief hanteert – effectiever dan ‘organische mest’, maar heeft allerlei negatieve consequenties, die er op langere termijn voor zorgen dat de bodem volledig uitgeput raakt.

Dat brengt me erop dat de internationale structuur van industriële voedselketens ook een enorme rol speelt als het om de houdbaarheid van ons voedselsysteem gaat: denk aan de milieu-impact van verwerking, verpakking en transport van voedsel. Tel daarbij op de verspilling van voedsel bij elk van de stappen in de keten en het plaatje wordt compleet.

Dit leidt tot bijzondere redeneringen. Recent kondigde consumentenorganisatie Milieucentraal aan dat – volgens hun milieu-impact analyses – plastic verpakkingen voor groenten en fruit toch wel heel belangrijk zijn omdat ze de houdbaarheid van groenten en fruit verlengen. Dankzij lange houdbaarheid en beschermende verpakking gaat minder groente en fruit verloren tijdens transport en verkoop in de winkel.

Binnen het huidige industriële voedselsysteem is dit een waarheid als een koe. Bizar.

Dit soort berichten maakt dat ik voel hoe ‘zot’ ons huidige systeem is. Want: als groenten en fruit niet zo ver van ons geproduceerd zouden worden, en we zouden groenten en fruit eten als ze rijp zijn, dan zouden we die verpakkingen niet nodig hebben.

Zijn we er dan?

Nee, helaas nog niet. Zo was ik bijna vergeten te melden wat de relatie is tussen ons huidige voedselsysteem en de wereldwijde schaarste aan zoet water. Ons huidige industriële voedselsysteem is de grootste gebruiker en vervuiler van water wereldwijd.

De Colorado-rivier wordt bijna volledig gebruikt voor irrigatie. Over de hele wereld zijn dit soort desastreuze keuzes gemaakt. De Aral-zee in de voormalige Sovjetunie is daar het meest heftige voorbeeld van.

De Colorado-rivier wordt bijna volledig gebruikt voor irrigatie. Over de hele wereld zijn dit soort desastreuze keuzes gemaakt. De Aral-zee in de voormalige Sovjetunie is daar het meest heftige voorbeeld van.

En wat de impact is van het over-vissen van onze meren en oceanen en de nutriënten vervuiling die er voor zorgt dat deze veranderen in weinig veerkrachtige en niet meer voedende onderwater woestijnen.

Was dat het? Vul vooral aan wat ik over het hoofd zie.

Lees- en kijktips:

  1. Afname biodiversiteit, oftewel, wereldwijde afname van systeemintegriteit

We zijn bijna op de helft. Lees je nog even verder? De problemen worden er helaas niet malser op. De huidige industriële landbouw en veeteelt heeft namelijk ook een enorme impact op de kwaliteit van biodiversiteit.

Binnen industriële voedselketens zijn monoculturen gemeengoed, mede aangejaagd door de vercommercialisering en verpatentering van voedselinnovatie – ja, je leest het goed: patenten op paprika’s en broccoli. Monoculturen zijn (of lijken) misschien handig voor de boer en zadenproducent, maar leiden tot een gigantische wereldwijde afname van biodiversiteit en dat is gewoon gevaarlijk.

Biodiversiteit, oftewel, verscheidenheid aan levende organismen, binnen soorten, tussen soorten en tussen ecosystemen, is de sleutel tot het functioneren van ecosystemen en een continue levering van goederen en diensten door deze ecosystemen.

Steven de Bie, hoogleraar biodiversiteit wond er geen doekjes om tijdens een recente lezing:

“Biodiversiteit is de basis van ons bestaan en een indicator van de gezondheid van de planeet. Neemt de biodiversiteit af, dan neemt de integriteit van het systeem aarde af en de kans dat wij en met ons heel veel andere soorten, overleven.”

Met integriteit bedoelen systeemdenkers: datgene wat een systeem heeft als alle voor het systeem essentiële onderdelen en processen aanwezig zijn, zodat het systeem kan functioneren. Een lastige maar belangrijke zin.

Een ecoloog of organisatie-wetenschapper die op systeem-integriteit let vraagt zich voortdurend af: wat zou er gebeuren met het geheel als een deel of een proces wordt verwijderd?

Als het om de moderne land- en veeteelt gaat dan kunnen we gerust stellen dat deze vorm van voedselproductie overal ter wereld de integriteit van lokale systemen in gevaar brengt. En het hele systeem aarde, omdat op aarde nu eenmaal alles met alles verbonden is.

Lees en kijktips:

  1. De ratrace tussen zo ongeveer alle spelers in de voedselketen

Systeemprobleem 4 is van een iets andere orde: dit betreft een sociaaleconomisch drama. Over de hele wereld zijn mensen ongelukkig door het huidige voedselsysteem en de marktordeningsprincipes die hierbij een rol spelen.

Mooi woord hè? Marktordeningsprincipes. Oftewel: de wijze waarop vraag en aanbod elkaar vinden en de spelregels die hierbij gelden.

Het resultaat van de huidige marktordening is het best samen te vatten met het woord ratrace.

Bijna alle organisaties in het voedselsysteem lijken in deze dynamiek gevangen.

Denk aan de prijzenoorlogen tussen gewone supermarkten onderling, tussen bio-supermarkten onderling, tussen groothandelaren en producenten van moederkippen, zoals Hendrix Genetics, waar ik eerder over schreef.

Iedereen concurreert met iedereen, waardoor de echte kosten van onze voedselproductie door niemand gedragen kunnen worden. Lijkt wel. Want uiteindelijk zijn we hier allemaal de dupe van.

De enige spelers die op dit moment nog wat ‘verdienen’ in de voedselketen zijn supermarkten en multinationals die zowel zaden als bestrijdingsmiddelen levert (denk aan de eerder genoemde Monsanto en Syngenta). Als het om supermarkten gaat maken in Nederland vijf inkooporganisaties de dienst uit. Zij vormen het middelste deel van de zandloper, waarmee je de economische inrichting van ons voedselsysteem kan beschrijven. De rest wordt uitgeknepen (niet echt een neutraal woord; ik weet het).voedselsysteemzandloper

Boeren, telers, veredelaars, personeel van supermarkten, transporteurs: een goede boterham verdienen met voedselproductie, verwerking, verpakking en transport is voor hen verre van gemakkelijk. Daardoor is het voor al deze partijen lastig om in hun basisbehoeften te voorzien en te investeren in vernieuwing en verduurzaming.

Ze zitten gevangen in ‘het economisch voedselsysteem’ en dat voelt verre van fijn!

Lees en kijktips:

  1. De anonimiteit van de keten

Nog zo’n systeemprobleem, aangestipt door Maarten Bouten van Rechtstreex. Hij vertelt me dat onze voedselketen de afgelopen decennia volledig geanonimiseerd is. Dit heeft grote gevolgen. Met de industrialisering en internationalisering van ons voedselsysteem kopen we niet langer in het juiste seizoen de ruwe en grappig gevormde Zeeuwse aardappels van boer Teunis, met de zilte smaak van het Zeeuwse land en de liefde van de boer voor dat land. Nee, we kopen van 8 uur in de ochtend tot 22 uur ’s avonds, het gehele jaar door, gelijkvormige, kruimige excellente aardappelen van de supermarkt op de hoek.

Maarten Bouten van Rechtstreex: de helft van het product dat je in de supermarkt koopt wordt er niet bij verkocht en is dus ook niet te ‘verwaarden’. Tel daarbij op dat een heel scala aan ‘features’ wordt verkocht dat op z’n best geen ‘waarde’ heeft, maar veel eerder een negatieve waarde – een mooie verpakking en een industriële bereiding met extra toegevoegde zouten en suikers – en je weet dat er iets niet goed gaat.

De anonimiteit in de voedselketen heeft er toe geleid dat over de jaren, smaakvariatie geen rol van betekenis meer speelt. De gemiddelde Nederlander is zich er wellicht nog van bewust dat onze tomaten ‘wasserbombes’ zijn geworden, maar daar houdt het wel mee op. Al is er natuurlijk een heuse tegenbeweging gaande.

Want wat zou het fijn zijn als we als consument weer besef kregen van seizoen, kleur, vorm, diversiteit, houdbaarheid en bereidingswijze.

We eten nu vaak de verkeerde producten op de verkeerde momenten, waarderen de verkeerde dingen aan producten (mooie marketing slogans en verpakkingen) en zien nooit producten die afwijken van een bepaalde standaard, maar misschien wel veel lekkerder zijn.

Kortom: waar zijn we nu helemaal mee bezig?

Relevante links

  • Een Nederlandse vertaling van ‘What’s wrong with supermarkets’ – ook relevant als achtergrond informatie bij het probleem van de ‘ratrace’ – supermacht.nl
  1. Persoonlijke gezondheid: suiker is gif en zelf koken is belangrijk

Zet je de televisie aan (RTL-4 Obese, KRO’s XXL), sla je de krant open of loop je naar een boekwinkel, dan zou je zomaar kunnen denken dat ons voedselprobleem vooral een gezondheidsprobleem is. Het feit dat de industrialisering van ons voedselsysteem de gezondheid van de gemiddelde mens ernstig aantast, is kennelijk iets dat ons allen raakt.

Beleidsmakers, onderwijzers en ouders: ze zitten met de handen in het haar hoe we onze kinderen (en onszelf) op een betaalbare manier en zonder dwang, weer gezond kunnen gaan voeden. Jamie Oliver doet zijn best, maar ook hij is gefrustreerd.

Als we het huidige industriële voedselsysteem als uitgangspunt houden, is het knap lastig om onze kinderen (en onszelf) gezond te voeden. De wereldwijde obesitas-epidemie is slechts het topje van de ijsberg. Geïndustrialiseerde voeding heeft een relatie met hoe futloos of hyper we ons voelen (ADHD!), met de kans dat we niet door hebben dat we geen honger meer hebben en dat we teveel zout eten, om maar een paar voorbeelden te noemen.

De Wereld Gezondheidsorganisatie kwam recent met een aanbeveling over onze dagelijkse suikerconsumptie (50 gram pp, per dag), die amper iemand lijkt te kunnen halen, zelfs als je zelden ‘zoetigheid’ eet. Dit komt doordat er ook suiker wordt toegevoegd aan hele normale producten, zoals een blikje erwten van Hak. Een groeiend aantal artsen heeft inmiddels de oorlog aan suiker verklaard, nadat al eerder bepaalde vormen van vet (transfat, hydrogenated fat) en bloem de pineut waren.

Maar met het gevecht tegen een paar ingrediënten ben je er nog niet. De Amerikaanse auteur Michael Pollan pleit al jaren voor echt koken en het links laten liggen van alle ‘processed foods’. Zijn boodschap krijgt wereldwijd steeds meer gehoor. Hij sprak recent met Tegenlicht over zijn ideeën.

Omdat wij mensen zelf een complex, levend systeem zijn, waarin allerlei feedbackpatronen een rol spelen, is het zaak dat we dit systeem weer leren begrijpen en beseffen wat de relatie is tussen dat wat we er in stoppen (op welk moment en in welke hoeveelheid), hoe ons lijf dat verwerkt en wat voor outputs ons systeem vervolgens oplevert (hoe fit we onszelf voelen, hoeveel energie we hebben, hoeveel weerstand we erdoor krijgen).

Maar hoe breng je mensen die kennis bij? We leven in een cultureel-historisch tijdsgewricht dat je zou kunnen kenmerken als de ‘instant gratification’ samenleving, met overal geïndustrialiseerd voedsel tot onze beschikking. Bij de minste of geringste trek kan je je honger stillen als je geld hebt. In zo’n samenleving is het stimuleren van een proces van nadenken over inputs, throughput en output geen kattenpis.

Het is eng maar waar: we zijn slaaf geworden van eetgewoonten die perfect passen bij ons geïndustrialiseerde voedselsysteem.

Lees en kijktips:

  • Ophrah Winfrey maakte hele generaties kijkers bewust van ingrediënten die we zouden moeten vermijden als we een beetje gezond willen blijven. Kijk o.a. naar dit filmpje van Dr. Oz. Let op: het risico van deze benadering is dat je denkt dat je er bent als een aantal ingrediënten vermijdt. Maar een gezonde voeding is veel meer dan dat. Het gaat er vooral om dat je op het juiste moment de juiste dingen eet in de juiste hoeveelheden. Je moet dus naar je lijf leren luisteren.
  • Sugar is killing us – een kort informatief filmpje over waarom suiker zo slecht is. Ik ben er nog niet minder suiker door gaan eten, maar wel meer door gaan hardlopen!
  • En lees vooral ook dit recente artikel in 360 Magazine, een vertaling van een artikel in de Guardian – Je weet niet wat je eet. Je zult versteld staan van de chemische toevoegingen aan de meest gezond lijkende industriële producten, zoals voorverpakte fruitsalades. Europese wetgeving kan dit soort praktijken niet uitbannen, omdat wetgeving altijd achter de feiten aanloopt.
  • En lees ook dit recente artikel van een dokter die zijn praktijk verkocht en een ‘apotheek’ startte die alleen maar ‘whole foods’ verkoopt
  1. Het ongelijkheidsvraagstuk – boeren hier versus daar

We zijn er bijna. Ik heb nog een laatste aspect van het voedselprobleem voor je bewaard. Misschien wel omdat dit een van de lastigste dimensies is.

Het gaat om de grote en groeiende ongelijkheid tussen boeren hier en daar: het terrein van de fair-trade en slaafvrije chocola, koffie, soja, etc.

Boeren hier zijn steeds vaker slaaf van de bank als het om investeringen gaat die nodig zijn om in de ratrace mee te komen.

Voor boeren uit niet EU-landen is de situatie nog veel lastiger. Zij die meedraaien in het industriële landbouw systeem en afhankelijk zijn van de internationale verkoop van hun opbrengsten, leven ‘grof gezegd’, het leven van een horige, die continu bang moet zijn dat de opbrengsten te laag zijn (o.a. door fluctuerende prijzen) om een (micro)krediet af te betalen en nieuwe zaden, kunstmest en bestrijdingsmiddelen te kopen.

En er is nog veel meer aan de hand.

Als boeren daar een bod krijgen op hun land, of simpelweg van hun land worden verdreven en er machinale bewerking wordt geïntroduceerd, ontstaat grote werkeloosheid op het platteland, waardoor de trek naar steden toeneemt, met alle gevolgen van dien (depressie, slechte voeding, werkloosheid, criminaliteit, vervuiling, etc.).

Boeren hier hebben het ook niet makkelijk, maar worden op z’n minst beschermd door allerlei importtarieven, quota en subsidieprogramma’s van de Europese Unie. Boeren daar hebben geen marktbescherming, geen verzekering als de oogst mislukt en ze concurreren met boeren van over de hele wereld, die kunnen profiteren van betere omstandigheden.

Voor een consument levert het ongelijkheidsvraagstuk duivelse dilemma’s op: als ik geen boontjes uit Kenia meer koop, maar alleen maar uit de Flevo-polder, verliezen boeren uit Kenia hun inkomsten. De export van boontjes geeft vele Kenianen werk. Maar leidt ook tot afname van water onder aan de Mount Kenia, waardoor nomaden en hun vee overlijden.

En koop ik Fair Trade of Utz-certified of Rainforest-Alliance? Boeren daar werken mee aan een bepaald keurmerk en doen daar investeringen voor. Als vervolgens de vraag naar gecertificeerde producten afneemt, zit de boer daar met de gebakken peren. Letterlijk en figuurlijk. Want hij moet zijn investering nog terugverdienen en heeft geen afzetmarkt voor zijn gecertificeerde peren.

Het ongelijkheidsvraagstuk is groot en lastig samen te vatten en lijkt ver weg van de trend naar lokaal en seizoensgebonden: tegelijkertijd, zit deze er juist dichtbij. Ik ben benieuwd of ik lokale initiatieven vind die tevens een antwoord vormen op dit deel van het grotere voedselsysteem-probleem en hoe mijn ideeën over een duurzaam voedselsysteem zich met de tijd ontwikkelen.

Bij de start van deze reeks denk ik nog dat het belangrijk is om zoveel mogelijk internationale afhankelijkheden te doorbreken en in plaats daarvan lokale veerkrachtige cyclische voedselsystemen te creëren, gebaseerd op optimaal gebruik van lokaal aanwezige resources. Die paar producten die we hier niet kunnen produceren en dus willen blijven importeren – denk aan koffie en chocola – moeten duurder en schaarser worden, dichtbij de bron worden verwerkt zodat nutriënten lokaal aanwezig blijven, en de grootste economische waarde ten deel valt aan lokale boeren en duurzaam vervoerd worden.

Ik ben benieuwd of ik voedselinitiatieven ontdek die mijn beeld doen veranderen en/of verder inkleuren. Want dit klinkt logisch, maar hoe doe je dat dan in de praktijk?

Lees- en kijktips:

Oplossingen? Jonge voedsel ondernemers weten raad

Na deze ‘beknopte’ en toch, enigszins gefragmenteerde systeemanalyse, wil ik heel graag de mensen achter een aantal verschillende voedselconcepten ontmoeten om te snappen:

Wat proberen deze – veelal jonge – ondernemers, te bereiken en waar houdt hun invloed op? Welke initiatieven verdienen mijn steun als consument en welke houden (onbedoeld) het ‘huidige voedselsysteem’ in stand? Ik ben ontzettend nieuwsgierig. Jij ook?

Mijn eerste ontmoeting was met Rechtstreex. Lees mee hoe Maarten Bouten en Arthur Nijhuis de anonimiteit in ons voedselsysteem proberen te doorbreken, hun samenwerkingspartners uit de ratrace proberen te bevrijden en in staat stellen om de bodem te verbeteren!

Inspiratie algemeen

  • Sandra van Kampen, werkzaam bij Urgenda en auteur bij het Kan Wel, schrijft heel veel over ons voedselsysteem
  • Voor deze blog vond ik een infographic die industriële landbouw vergelijkt met een agro-ecologische invulling van landbouw
  • Recent stuitte ik op een nieuw tijdschrift (en platform) dat de voedselsysteemcrisis op de agenda zet. Het heet Vork, is advertentievrij en het adresseert allerlei systeemvraagstukken in de voedselketen.
  • Documentaire: Smakelijk Eten van Walter Grotenhuis, over voedseldilemma’s – kijk op z’n minst de trailer!
  • Food Myths Busters – een project gestoeld op decennialang onderzoek met als doel het verspreiden van ‘het echte verhaal’ over ons voedsel – zie ook de Food Myth Busting Video’s, waaronder de film ‘Do we really need industrial agriculture to feed the world?
  • Een studie door het Rodale Institute waaruit blijkt dat ‘regenerative organic agriculture’, oftewel, landbouw waarbij we handelen naar het inzicht dat de bodem, het water, de atmosfeer en het welzijn van mensen en dieren er toe doet, vandaag al de beste oplossing is om klimaatverandering een halt toe te roepen. Landbouw wordt weer deel van de oplossing en niet van het probleem. Dit rapport sluit aan bij een rapport van UNCTAD “Wake Up Before It’s Too Late”, dat een appel doet om weer terug te gaan naar dit soort duurzame landbouwpraktijken.
  • Het boek ‘Eating Animals’ van Jonathan Safran Foer – ik moet het nog lezen, maar het is me door meerdere mensen aangeraden – heldere schrijfstijl, niet ‘predikend’, wel informatief
  • De voedselencyclopedie – een soort wikipedia voor voedsel maar dan samengesteld door een expert permacultuur. Speerpunten van de voedselencyclopedie zijn duurzaamheid, natuur en milieu, fair trade, gezondheid en dierenwelzijn.

TED Talk: ‘The Other Inconvenient Truth, door Jonathan Foley’, over de impact van landbouw wereldwijd

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on Twitter

Leave a Reply