A Systems Learning Platform

Vooroordelen. Ik hoop vaak dat ik ze niet heb, maar ook ik ben maar een mens. Daar kwam ik vorige week weer achter toen ik een lezing bijwoonde van Rob Hopkins, grondlegger van de internationale ‘Transition’ beweging. Iets in mij vermoedde al dat het beeld dat ik had van deze beweging niet klopte. Dat de beweging geen utopische, wij ‘breien onze eigen geiten wollen sokken’ dynamiek kent om daarmee de wereld te redden, maar veel praktischer en realistischer te werk gaat. Anders kan ik ook niet verklaren dat ik me zo snel inschreef voor deze lezing, nadat ik hierover een mail ontving. Feit is, dat Hopkins voor mij en alle andere aanwezigen bij Pakhuis de Zwijger, zonder dat hij daar erg z’n best voor hoefde te doen, dat boterzoete, naïeve ‘let’s change the world one micro-garden at the time’ imago, terugbracht naar iets wat ik vast wilde vastpakken en waar ik meer van wilde weten.  

De essentie in een disclaimer

En wat ik tot dusver heb geleerd, smaakt naar meer. Een recente documentaire die in een uur tijd 1) de filosofie van de beweging samenvat, 2) laat zien wat er allemaal al bereikt, maar ook mislukt is en 3) praktische handvatten biedt voor diegenen die zelf met ‘transitie’ aan de slag willen, eindigt met een disclaimer:

transition town pic

Deze disclaimer zegt veel en is de moeite van reflectie waard. Hoe langer ik er bij stil sta hoe ‘waarachtiger’ ik deze constatering vind. Het is gelijk ook de essentie van wat de transition beweging doet, namelijk gemeenschappen bouwen in vier praktische fases*: beginnen, verdiepen, verbinden en bouwen, met als doel vergroting van de lokale veerkracht (‘resilience’).

Lokale veerkracht als sleutel voor verduurzaming

Vertrekpunt van de Transitie-beweging is dat onze huidige (westerse) maatschappij enorm aan veerkracht heeft ingeboet door de eenzijdige gerichtheid op schaalvergroting en monocultuur, en de enorme afhankelijkheid van eindige en klimaat-verstorende grondstoffen. Het is zaak deze veerkracht te herstellen. Betrokkenen bij de beweging stellen verder dat afwachten totdat ‘ze’ het oplossen een gepasseerd station is. Zij willen niet te lang stilstaan bij waar het allemaal misgaat en zich daar kwaad over maken. Ze besteden liever hun kracht op een positieve manier, aan zaken die ze wél willen. En om daarin succesvol te zijn is de eerste stap dus gewoon beginnen.

Ieder begin is een kwestie van doen..

Dit is moeilijk, maar toch ook weer niet. Het blijkt vooral belangrijk om een initiatiefgroep te creëren. En dit kan beginnen doordat een of twee mensen in de buurt bij iedereen gaan aanbellen en meetings organiseren. De Transition documentaire volgt Joel, die voor Transition Moss side, een klein plaatsje dichtbij Manchester, op 1420 deuren klopte met de vraag of mensen betrokken wilden raken bij de Transition beweging. Dit leverde zo’n 250 mensen op voor de Transition mailinglijst en een handvol leden voor de initiatiefgroep. Joel: “I think you get a very different response to ‘door knocking’ then you would get to any other form of awareness raising”.

Toen ik laatst voor een anti-graffiti/ street-art project bij mijn buren aanklopte merkte ik hoe waar dit is. Maar het was zeker niet het eerste dat in mij op kwam; had ik de e-mailadressen van mijn buren gehad had ik ze eerder een mailtje gestuurd, met ongetwijfeld weinig respons.

.. en ook de tijd nemen om weer verder te leren

Als er eenmaal lokale projecten beginnen te lopen, zoals in mijn wijk schijnbaar ook is gebeurd onder leiding van betrokkenen bij Transition Town de Pijp – die o.a. jarenlang een ‘repair-café’ organiseerden en een verse voedsel coöperatie runden – wordt het tijd voor verdieping.

Die verdieping is nodig omdat Transition Towns groepen anders op het ‘goede bedoelingen’ niveau blijven steken. Een transitie naar een meer veerkrachtige lokale gemeenschap vereist bijvoorbeeld vaardigheden die we nauwelijks meer hebben; repareren, tuinieren, zelf energie opwekken, etc. Transition Town groepen worden aangemoedigd hier in te investeren. Ook zijn andere vormen van communicatie nodig, is het belangrijk lokaal momentum te behouden, mislukkingen te vieren en hiervan te leren, en aan persoonlijke veerkracht van de initiatiefnemers te werken.

Haastige spoed is zelden goed

Fase 3 en 4, verbinden en bouwen, zijn fases waar ik zelf veel plezier uit zou halen. Uit beroepsdeformatie zou ik al veel eerder veel te groots denken en op zoek gaan naar verbindingen tussen de groep initiatiefnemers met lokale autoriteiten. Ook zou ik continu nadenken welke nieuwe organisatiestructuren (zoals een lokale munt en lokale gemeenschapsbedrijven) de transitie verder zouden kunnen ondersteunen. Maar hoe langer ik er over nadenk hoe meer ik mij besef dat fase 3 en 4 echt pas mogelijk zijn na fase 1 en 2. Als we in de Pijp ineens een lokale munt zouden krijgen, zoals in Bristol*en een coöperatie waar we lokaal geproduceerde groenten kunnen kopen, acht ik de kans klein dat hier voldoende mensen ‘zomaar’ aan mee zouden doen. Je hebt een bewustwordings- en projectenfase nodig om op het niveau van de wijkstructuur veranderingen te laten slagen.

Hoe dieper ik in de beweging duik, hoe gecharmeerder ik er van raak. Het is tijd om eens te verkennen of er in mijn wijk nog wat gebeurt en of ik hierbij kan aanhaken. Wat ik vooral bijzonder vind aan de Transition Town beweging is dat het erop lijkt dat zij ondanks het krachtige principe van zelforganisatie, toch heel bewust dynamische structuren weet te creëren om verder te komen in elke fase van ontwikkeling. Dit geldt op alle schaalniveaus. Ieder individu kan met behulp van de online beschikbare resources en tips vanuit de wereldwijde Transition community lokaal aan de slag en zo in eigen tempo een ontwikkeling doormaken. Al deze lokale initiatieven worden ook regelmatig aan elkaar gekoppeld om van elkaar te leren. En een klein team onder leiding van Rob Hopkins houdt vanuit het plaatsje Totnes het wereldwijde Transition netwerk groeiende door relevante internationale verbindingen te leggen en structuren te creëren die op wereldschaal helpen om verder te komen.

Drie hoeraatjes voor internet

Zo ontstaat global collective learning op micro, meso en macro niveau. Hoe geniaal is dat?! Hopkins benadrukt donderdag terecht dat de Transition-movement (start: 2005) en de wijze waarop deze zich ontwikkelt, zonder internet nooit was ontstaan. Lang leve het internet dus maar, dat er overigens ook voor zorgde dat ik afwist van de lezing bij Pakhuis de Zwijger, dat mij in staat stelde de documentaire te vinden over de Transition-beweging en op mijn gemakje het zo rijkelijk beschikbare materiaal door te spitten, waar ik steeds enthousiaster van raakte. En  last but not least; dat mij in staat stelde om mijn gedachten hierover met jou te delen. Ik zou zeggen, spread the word. Dit is dankzij internet slechts een druk op de knop!

*de beweging noemt ook een vijfde fase, ‘durven dromen’ waarbij expliciet aandacht wordt gevraagd voor het adagium, ‘denk globaal maar handel lokaal’, oftewel; bedenk met je lokale gemeenschap hoe je kunt bijdragen aan een globale beweging. Het gaat hier om aandacht voor kennisdeling, wetenschappelijk onderzoek en landelijke en internationale structuurveranderingen.

Relevante links: 

Transition Towns.nl 

Transition Network

Share this with your friends

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *